

Vaardigheden: Graven, verkennen, vallen maken, mooie dingetjes knutselen, op kinderen passen.
Magie: N.V.T.

Kleding: Hij heeft een roodbruine, lange broek aan. Aan de onderzijde is deze gerafeld en hij draagt er zandkleurige schoenen onder. Hij draagt een zwarte riem met een zilveren gesp en enkele bruine, leren lusjes eraan. Zijn hes is open op de borst en afgezet met oud vossenbont. Het heeft korte mouwen, die ook weer gerafeld eindigen.
Zomer: Ontbloot bovenlichaam en blote voeten.
Winter: Bruine deken om hem heen geslagen, als mantel.
Persoonlijke voorwerpen: Zijn trollenhouweel.
Sieraden en attributen: Hij draagt een bruine, leren veter om zijn hals, die voorop geknoopt is en waarvan de uiteindes nog loshangen. Om zijn linkerpols draagt hij een brede, bruine, leren armband met ruiten erop.
Wapens en werktuigen: Een houweel (gemiddeld). Niet zo handig als wapen, maar hij kan er wel goed mee slaan.


| + ... |
Toen hij voor trollenstandaard volwassen was, werd hij mijnwerker, en heeft sindsdien niet veel anders gedaan dan graven, met de hulp van een houweel. Hij kreeg zijn opdrachten altijd te horen van Wrathand en Houtbrein, twee trollen die altijd wel iets vonden om hem te pesten. Hij heeft altijd te horen gekregen van zijn ouders, broer en andere trollen dat hij te sloom, te stom en vooral te zacht is. Een trol hoort hard te zijn als steen. Wrathand en Houtbrein deden soms alsof ze medelijden hadden met de jonge trol en lieten hem dan alle rotklusjes doen. "Daar wordt je eindelijk hard van!" gniffelden ze dan. Schroef geloofde ze helemaal en deed dankbaar al die zware taken en werd heel erg sterk, maar nog steeds niet 'hard'. | |
| + 929 | zomer |
De lelijkste poets die de beide oudere trollen Schroef hebben gebakken was wel de opdracht om zo ver mogelijk naar het Moedergebergte te graven. Schroef deed gehoorzaam wat hem werd verteld, maar doordat hij totaal geen richtingsgevoel had zat hij al gauw veel te ver naar het noorden. Bij één van zijn tochten naar de oppervlakte om een luchtgat te maken, kwam hij een beer tegen. En niet één, maar drie! Degene die boven zijn hoofd stond op het moment dat hij uit het gat kwam, had hij neergeslagen met zijn houweel. De andere twee, de moeder en de nestgenoot van de eerste, zouden Schroef zeker hebben gedood als niet de elfen van de Zonnemeer Borg hem gered hadden. Niet alle elfen waren het ermee eens, maar toch werden de beren weggejaagd en Schroef werd vastgehouden voor ondervraging. Helaas stierf de moederbeer. Schroef wist geen antwoord op de vragen van Schudspeer. Hij leidde wel een groepje elfen in zijn tunnel en daar kwamen ze de twee pestkoppen tegen. Wrathand en Houtbrein zagen dat Schroef enkele elfen mee had genomen en besloten hen te stoppen. Ze gooiden een kruidslinger naar de elfen die ontplofte, waardoor de gang instortte. Het maakte hen niks uit (misschien kwam het hun zelf wel goed uit) dat ze daarbij Schroef ook zouden buitensluiten of zelfs doden. Schroef redde bij de instorting het leven van Roodklauw en er werd besloten dat de trol bij de elfen in de borg zou blijven leven. Schudspeer, Zwaardslag, Zonnestraal en Maretak waren daar erg blij mee en hebben vriendschap gesloten met de trol. |
| + 931 |
Later sloot Schroef ook vriendschap met Bliksem, één van de nieuwe elfen uit Zomerbron. Hij herkende het gevoel van buitenstaander zijn en op basis daarvan groeide hun vriendschap. | |
| + 932 | lente |
Toen een groep elfen, met Zonnestraal daarbij, uit Zonnemeer naar Zomerbron reisden, heeft Schroef de taak als kinderoppas in Zonnemeer tijdelijk op zich genomen. |
